| |
Japanse Acupunctuur: Introductie andere stijlen
Op deze pagina zal een korte introductie worden gegeven
van enkele andere Japanse stijlen van acupunctuur. Zoals
gezegd zijn de Toyohari en de Manaka stijl
waarschijnlijk relatief de meest beoefende systemen van
Japanse Acupunctuur in Nederland. Uiteraard wordt er
verder ook in Japan TCM beoefend. Maar gekenmerkt door
diversiteit zijn er meer specifiek Japanse stijlvormen.
Keiraku Chiryo (Meridiaantherapie)
De eerder besproken Toyohari stijl is een substijl of
afsplitsing van deze vorm van acupunctuur. Zoals in de
geschiedenis valt te lezen is deze stijl
ontstaan als tegenbeweging in reactie op de
modernisering of verwetenschappelijking van acupunctuur.
Keiraku Chiryo onder aanvoering van Sorei Yanagiya had
niet tot doel kritiekloos de klassieke geschriften toe
te passen maar wel de acupunctuur in zijn
oorspronkelijke theorie en vorm te herstellen. Theorieën
werden in praktijk gebracht en op hun effect getest.
Alle klassieke theorieën die bruikbaar en effectief
bleken werden gebruikt om een praktisch toepasbaar model
te creëren voor deze stijl. Naast de Ling Shu en de Su
Wen is de Nan-Ching het boek waar de stijl met name op
gebaseerd is.
Op zich verschilt de Toyohari stijl niet heel veel van
de oorspronkelijke meridiaantherapie. Voor een groot
deel is een verwijzing naar de
Toyohari pagina dan ook
op zijn plaats. De verschillen zitten in beginsel in met
name de volgende punten:
- Meest kenmerkend is uiteraard het feit dat
verreweg de meeste naalden bij Toyohari niet of nog
oppervlakkiger ingebracht worden in de huid.
- Verschil in praktische toepassing van het 5 fasen
model; in theorie is het zo dat een meridiaan die de
zwakste fase of meridiaan ‘controleert’ (in de
controlling cycle) niet deficiënt kan zijn. Fukushima,
grondlegger van de Toyohari stijl, vond echter in de
praktijk dat dit wel degelijk voor kon komen en
richtte zich voorts op wat hij praktisch tegenkwam en
de puristen van de meridiaantherapie daarentegen
hielden zich vast aan het theoretisch model.
- Ook bij de Hara-diagnostiek zijn er verschillen.
Zowel in de indeling, het corresponderen van bepaalde
regio’s met meridianen, als in de wijze van de
palperen. Zeer oppervlakkig bij Toyohari en iets
dieper/fysieker bij de oorspronkelijke Keiraku Chiryo.
Na de splitsing zijn er uiteraard meer specifieke
ontwikkelingen geweest voor beide stijlen, in theorie,
toepassing en naalden/instrumenten. Japanse stijlen
kenmerken zich namelijk door voortdurende ontwikkeling
en onderzoek.
Het beschrijven van deze verschillen is niet vanuit een
oogpunt van beter of effectiever. Het is een kwestie van
verschil in inzicht en persoonlijke voorkeur van
acupuncturisten voor de ene of voor de andere stijl. De
grondslag blijft die, zoals beschreven in de klassieken.
Een van de bekendste Japanse beoefenaars van deze stijl
is Shudo Denmei.
Kiiko Matsumoto
Een zeer bijzondere stijl van acupunctuur. Matsumoto is
o.a. bekend als auteur van een reeks boeken met Stephen
Birch en als kenner van de Chinees Geneeskundige
klassieken. Ze heeft inspiratie opgedaan bij een aantal
zeer bekende Japanse experts zoals Dr. Manaka en Dr.
Kawai, maar haar stijl is met name gebaseerd op haar
ervaringen met Kiyoshi Nagano.
Wat is ontstaan is een synthese tussen klassieke
oosterse geneeswijze en westerse geneeskunde. Dit is al
zeer sterk zichtbaar in de zogenaamde constitutionele
patronen. Deze constituties worden
vastgesteld/gediagnosticeerd door palpatie (van vooral
de hara/buik), algehele indruk en medische geschiedenis.
Er zijn 11 patronen waarvan enkele voorbeelden zijn:
- Bloedstagnatie in de hara, het hoofd en vertebrale
arterie
- Disbalans in het immuniteitssysteem
- Maag Qi deficiëntie
- Hormonale disbalans
- Problemen met bloeddruk en/of hart
De behandeling van de constitutionele disharmonie kan
gezien worden als de ‘root treatment’. Een totale
behandeling kent vaak de volgende indeling:
1. Constitutionele patroon en zang fu behandeling van de
voorkant
2. Symptoomgerichte technieken
3. Behandeling van punten op de achterzijde van het
lichaam
Net als de meeste Japanse stijlen van acupunctuur is ook
hier de naaldbehandeling comfortabel en subtiel, hoewel
op sommige punten de naalden iets dieper ingebracht
kunnen worden. Nog steeds zonder hevige Deqi sensaties
overigens. Ook de palpatietechnieken zijn wat invasiever
dan in andere Japanse systemen.
Wat een grote rol speelt zijn reflex zones. Zowel in de
diagnose als in de puntkeuze. Een punt wordt eerst
getest op effect op bijvoorbeeld drukpijn met
bijvoorbeeld de wijsvinger. Is het effect naar wens, dan
wordt ook daadwerkelijk de naald ingebracht. Ook de hoek
waaronder deze wordt ingebracht is van belang.
Naast naalden en moxa is er een reeks aan instrumenten
die gehanteerd kunnen worden:
- Een kruidencrème genaamd Shiunko die ingezet kan
worden voor bepaalde symptomen maar bijvoorbeeld ook
als laagje tussen moxa en de huid
- De Tigerwarmer. Instrument gevuld met daartoe
bestemde wierook waar met gereguleerde hitte en druk
punten of regio’s verwarmd kunnen worden
- Magneten
- Ion-pumping cords (zie ook
Manaka) met ook een
‘triple bypass cord’ ontwikkeld door Yoshihiro Kawai
- De Pachi-Pachi, een soort ‘vonkapparaat’ en voorts
nog diode ringen en kettingen.
- Deze effectieve en goed meetbare stijl geniet een
snel stijgende mate van populariteit. Zoals valt te
begrijpen is het ‘complete’ systeem echter niet
eenvoudig eigen te maken. Het is de ervaring van
Matsumoto en de generaties die zij ‘meebrengt’ die je
je eigen moet maken. En dat vergt tijd, als je niet
wilt verdwalen in de toepassingen en methodes van deze
stijl. Er is een systematiek, hij is alleen minder op
de voorgrond aanwezig dan in bijvoorbeeld
Meridiaantherapie. Maar wie er voor kiest om zich te
verdiepen in de stijl, wordt beloond met legio
mogelijkheden.
-
-
- Masakazu Ikeda
Binnenkort meer.
-
- Ryodoraku
Binnenkort meer.
-
-
|
|