ACUPUNCTUUR ROTTERDAM© Weblog Ronald Aartsen

Gezondheid, vitaliteit & ontspanning

Klant betaalt meer en meer voor minder in de aanvullende zorg

Persbericht Platform Dialoog Complementaire Gezondheidszorg d.d. 8-12-2009

Als het aan de zorgverzekeraars ligt, wordt het voor de klant de komende jaren steeds moeilijker om te kiezen voor aanvullende zorg op maat. Door afkalving van vergoedingen door de zorgverzekeraars enerzijds en een, soms forse, toename in poliskosten anderzijds is de klant speelbal van beleidsveranderingen bij de zorgverzekeraar.

Met ongeveer 3,2 miljoen contacten per jaar is de complementaire zorg zoals o.a. natuurgeneeskunde, acupunctuur, Chinese geneeswijzen, antroposofie, osteopathie, psychotherapie, voeding- en leefstijladvies niet meer weg te denken uit de Nederlandse zorgverlening.

Het is een duidelijk signaal dat de klant meer behoeft dan de gevestigde reguliere zorg.

De complementaire zorg is tevens bijzonder kosteneffectief en ontlast daarmee de explosief stijgende kosten in de reguliere gezondheidszorg.

De beroepsverenigingen in de complementaire zorg onderstrepen en onderkennen het belang van goede zorg en transparantie hierin naar de cliënt. Zij hebben de laatste jaren veel tijd, middelen en maatregelen ingezet om de kwaliteitszorg te verbeteren maar worden geconfronteerd met voortdurend wisselende eisen door overheid en zorgverzekeraars.

Zo komt de zorgverzekeraar UVIT, een fusie van Univé, VGZ, IZA en Trias, zes weken voor het verstrijken van dit jaar met een eenzijdig opgelegde maatregel, zonder voorafgaande dialoog, die haaks staat op eerder gemaakte afspraken met de betrokken partijen.

Deze maatregel behelst enkel het vergoeden van consulten van therapeuten die - naast het verplichte lidmaatschap van een beroepsorganisatie in de complementaire zorg - lid worden van een van de vijf, recent, door UVIT aangestelde koepelorganisaties.

De koepelorganisaties zijn zonder overleg met de beroepsorganisaties op onduidelijke toelatingscriteria door UVIT aangewezen.

Het Platform Dialoog Complementaire Gezondheidszorg protesteert om de volgende redenen tegen deze gang van zaken:

  • de door het UVIT aangestelde koepelorganisaties overstijgen in de meeste gevallen niet de reeds bestaande kwaliteitseisen binnen de bestaande beroepsverenigingen. Een aantal koepelorganisaties herbergt zelfs beroepsverenigingen die afgewezen zijn bij de bestaande beroepsverenigingen vanwege het niet voldoen aan de kwaliteitseisen;
  • het door het UVIT vastgestelde tijdspad tussen aanmelding, screenen en accreditatie van de beroepsverenigingen is dermate krap (openbaarmaking maatregel 10 november 2009, maatregel ingaande 1 januari 2010), dat van een gedegen procedure amper sprake kan zijn. Een procedure overigens die kosten met zich meebrengt voor elke vereniging, zonder dat er sprake lijkt te zijn van een toegevoegde waarde. Kosten die normaliter het verder professionaliseren van de beroepsverenigingen ten goede kunnen komen.
  • omdat er zo weinig tijd zit tussen de openbaarmaking en de ingangsdatum van de maatregel, kunnen de voorwaarden van de aanvullende polissen 2010 van Univé, VGZ, IZA en Trias niet meer worden aangepast. Verzekerden worden met de nieuwe maategel geconfronteerd als hun behandelingen vanaf 2010 niet meer worden vergoed. Dan is het te laat om van verzekeraar te veranderen . Het Platform Dialoog Complementaire Gezondheidszorg is daarom van mening dat de genomen maatregel eerder voor onduidelijkheid zorgt dan voor helderheid, ook omdat alleen de UVIT-verzekeraars bovenstaande maatregel hebben geïntroduceerd en dit derhalve niet geldt namens alle verzekeraars;
  • de maatregel gaat tevens voorbij aan het voorstel van minister Klink en staatssecretaris De Jager waarbij basiscriteria bij de bron worden vastgelegd (zie brief aan de Tweede Kamer d.d. 29 oktober 2009 waarin o.a. vermeld de voorwaarden voor BTW-vrijstelling voor complementaire zorg en opname in een CAM-register).

Het Platform Dialoog Complementaire Gezondheidszorg meent dat er voldoende andere, verantwoorde opties zijn om tot kostenbesparing in de algehele gezondheidszorg te komen, waarbij kwalitatief goede zorg en transparantie voor zowel klant, zorgverzekeraar als voor de overheid worden gewaarborgd.